Nederland tijdens de Middeleeuwen

Tegenwoordig is Nederland een verenigd land, met een centraal bestuur. Maar dat is niet altijd het geval geweest.

In de periode tussen 500 en 1500 na Christus bestond Nederland uit allemaal kleine landjes. Die landjes werden de lage landen genoemd, of de Nederlanden. Neder betekent laag: Een groot gedeelte van Nederland ligt namelijk voor een groot gedeelte lager dan het niveau van de zee. 

De situatie waarin mensen leefden was slecht: er was veel armoede, dieren en mensen woonden bij elkaar en er was bijna geen licht in huizen. De paar rijke mensen die in de Nederlanden woonden, bouwden kastelen. Die kun je nu nog bezoeken. 

 

 

Enkele bekende kastelen in Nederland zijn Slot Loevestein, Het Muiderslot, Kasteel Doornenburg en Slot Zuylen.

De mensen die in de steden woonden, deden werk met hun handen: schoenen maken, kleding maken, slagers. Dieren liepen in de stad tussen de huizen door. Iedereen gooide zijn afval gewoon naar buiten. De meeste mensen werden niet ouder dan veertig jaar.

Door het gebrek aan hygiëne werden mensen snel ziek. Een van de meest gevreesde ziektes in de middeleeuwen was de pest: