De 15 meest gemaakte taalfouten

De Nederlandse taal is een lastige taal en zit vol valkuilen, zo vinden veel nieuwkomers die zich hebben verdiept in de Nederlandse taal. Voor hen zijn taalfouten soms onvermijdelijk. Om je een beetje te helpen geeft Net in Nederland een overzicht van veel gemaakte taalfouten en een eenvoudige uitleg om jou te helpen.

Hieronder zie je een lijst met taalfouten:

1- Doe is normaal X

Je zou moeten schrijven: doe eens normaal . Maar wanneer gebruik je is en wanneer eens? Wat is het verschil? In dit filmpje wordt het kort uitgelegd:

2- Ik irriteer me aan X          

Je zou moeten zeggen: ik erger me aan . De betekenissen van irriteren en ergeren liggen dicht bij elkaar, maar deze werkwoorden verschillen gedeeltelijk in hun gebruiksmogelijkheden.

3- Andre is groter als Jan X

Je zou moeten zeggen: Andre is groter dan Jan . Bij vergelijkingen gebruik je dan, bij gelijkwaardigheid als. Zo kun je ook zeggen : Andre is even groot als Jan.

4- Hij is groter dan mij X

Je zou moeten zeggen: hij is groter dan ik . Als je de zin wat completer opschrijft wordt het wat duidelijker: hij is groter dan ik ben. Het woord mij zou hier duidelijk niet passen.

5- Ik besef me zojuist X

Je kunt zeggen: ik besef zojuist of je zegt: ik realiseer me zojuist ✓. Het werkwoord beseffen (zich realiseren) heeft dus geen wederkerend voornaamwoord bij zich.

6- Hun komen ook X

De correcte zin moet zijn: zij komen ook . Het persoonlijk voornaamwoord wordt gebruikt om een bezit aan te geven, zoals in hun boek, hun idee of hun eigen auto.

7- Het gebeurd X, het is gebeurt X ,ik vindt X en wat vindt jij X

Je zou moeten schrijven: het gebeurt , het is gebeurd ,ik vind en wat vind jij. Een verkeerd gebruik van –d, -t of –dt is voor velen een bron van ergernis. Bekijk dit voor een hele korte samenvatting:

8- Heb jij me mobiel gezien X

Je zou moeten zeggen: heb jij mijn mobiel gezien . Wat je eventueel kunt afkorten tot: Heb je m’n mobiel gezien ✓. Bekijk deze om meer te weten:

9- Ik geef jou boek aan jouw X

De correcte zin moet zijn: ik geef jouw boek aan jou . Jou en jouw wordt vaak door elkaar gebruikt. Maar wat is het verschil tussen jou en 'jouw'? Check dit:

10- Ik ken voetballen X

Je zou moeten zeggen: Ik kan voetballen . De werkwoorden kennen en kunnen lijken erg op elkaar. Hoe weet je het verschil dan?

11- Hier licht niets X    

De correcte is: Hier ligt niets . Met liggen geef je aan dat er ergens een voorwerp of persoon is zoals: het boek ligt op de kast en Kim ligt in bed. Maar als je zegt dat hier niets licht zeg je eigenlijk dat er geen licht is en je dus niets kunt zien.

12- Ik ga na mijn vriend X

Je zou moeten zeggen: Ik ga naar mijn vriend . Naar klinkt als na wanneer je het uitspreekt, maar het betekent echt iets anders:

13- Een meisje die X

De correcte is: een meisje dat. Heel simpel: de is die, het is dat. Het meisje en niet de meisje.

14- Ik neem een schaaltje voor de kat te voeren X

De correcte is: ik neem een schaaltje om de kat te voeren . Voor gebruik je wanneer er in de zin geen verder werkwoord gebruikt wordt. Bij om hoort een begeleidend werkwoord.

15- Ze drinke koffie X

Weglaten van de -n aan het einde van een woord is fout. Zo veel moeite is het toch niet om de letter N te schrijven! Ze drinken koffie